COPD-onderzoek op grote hoogte

COPD komt onder bewoners van de berggebieden van Kirgistan drie keer zo vaak voor als in de laaglanden. Dit is waarschijnlijk vooral te wijten aan luchtvervuiling binnenshuis, met name fijnstof ontstaan bij koken en stoken. Dat is gebleken uit onderzoek van promovenda Evelyn Brakema (afd. Public Health en Eerstelijnsgeneeskunde, LUMC). Brakema en haar collega’s uit Kirgistan en Groningen publiceerden het onderzoek in European Respiratory Journal.1 De bevindingen zijn ook voor Nederland interessant, stelt zij.

Veel onderzoek naar risicofactoren voor COPD gebeurt in landen met hoge inkomens. Over landen met lage en middeninkomens is veel minder bekend, terwijl 90% van de sterfte door COPD optreedt in die landen. “Daar staan andere risicofactoren dan roken op de voorgrond, zoals luchtvervuiling binnenshuis”, zegt Brakema. “In Nederland hebben veel huizen centrale verwarming, maar de helft van de wereldbevolking kookt en stookt nog op brandstoffen als mest en hout. Daar komt veel rook bij vrij, wat een sterke risicofactor is voor COPD.”

Hoogte als risicofactor?
Brakema wilde weten of leven op hoogte een risicofactor is voor COPD. In de literatuur vond zij hierover tegenstrijdige gegevens. Geen van de studies had objectieve metingen van luchtvervuiling binnenshuis meegenomen in de analyse. Ze besloot dit te onderzoeken met collega’s uit Kirgistan, gelegen in Centraal-Azië tussen China en Kazachstan. Kirgistan is geschikt vanwege zowel hoog- als laaggelegen gebieden, terwijl de inwoners nagenoeg dezelfde etnische achtergrond hebben. Uniek aan de studie is de combinatie van objectieve fijnstofmetingen (PM2.5) in huizen en longfunctiemetingen (spirometrie). Dit werd verricht bij twee gelijke groepen van circa 200 volwassenen in de hooglanden (boven 1500 of vaak zelfs 3000 meter) en in de laaglanden (circa 700 meter boven zeeniveau). “Naast de metingen vulden de deelnemers ook vragenlijsten in over bijvoorbeeld rookgedrag of tuberculose in het verleden, dat bekendstaat als risicofactor voor COPD.”
Brakema vindt de resultaten van het onderzoek indrukwekkend.1 In de laaglanden werd een prevalentie van COPD gevonden van circa 10%, vergelijkbaar met de prevalentie wereldwijd. Maar in de hooglanden ligt dit meer dan 3 keer zo hoog: bijna 37%. “De luchtvervuiling binnenshuis was eveneens 3 keer zo hoog als in de laaglanden, en zelfs circa 11 keer zo hoog als maximaal aanbevolen door de WHO voor luchtkwaliteit binnenshuis. De verschillen tussen laag- en hoogland zijn dus groot, en ook wel te verklaren. In de hooglanden is er meestal geen elektriciteit en is het ’s winters erg koud. Dan wordt er meer gestookt en minder geventileerd. En dat stoken gebeurt vooral op mest van hun eigen schapen, want dat is goedkoop en gemakkelijk beschikbaar. Mest is een van de meest ‘vieze’ brandstoffen waarbij veel rook ontstaat. Uit ons onderzoek bleek dat COPD voorspeld kan worden door de hoge fijnstofconcentraties, en ook door bekende risicofactoren als leeftijd en roken.”

Overkoepelend aspect
Bovendien bleek hoogte een onafhankelijke voorspeller voor COPD. Dat kan verschillende redenen hebben. Op grote hoogte is het zuurstofgehalte lager en hebben mensen een groter volume van zowel luchtwegen als longen. COPD wordt bepaald door een verhouding tussen die twee. Brakema vermoedt zelf dat de leefhoogte vooral een overkoepelend aspect is voor factoren die zij niet in haar model heeft ingebed, zoals tuberculose in de voorgeschiedenis of armoede. “We hebben daarover wel informatie gevraagd in ons onderzoek, maar veel mensen hebben hierop geen antwoord gegeven. Daarom konden we het niet verwerken. Waarschijnlijk komt tuberculose meer voor in de hooglanden. En door armoede hebben veel mensen een minder gezonde leefstijl, wat al effecten kan hebben op de longen van een ongeboren foetus. Ik denk dat dat meer relevante aspecten zijn dan de hoogte zelf.”
Na de studie is subsidie aangevraagd en verkregen vanuit het Europese Horizon 2020-programma voor vervolgonderzoek. Het internationale FRESH AIR project (https://freshair.world/freshair) loopt vanaf 2016 in 4 landen: Oeganda, Kirgistan, Vietnam en Griekenland. Naast Nederland (LUMC, UMCG) en de 4 onderzoekslanden nemen Engeland, België, Denemarken en de VS deel aan het project. FRESH AIR richt zich op preventie, diagnostiek en behandeling van COPD en astma in gebieden waar middelen schaars zijn. “Het project is inmiddels bijna klaar”, laat Brakema weten. “Het heeft weer vele nieuwe inzichten opgeleverd, juist voor landen met lage en middeninkomens.”

Ook voor Nederland
Brakema denkt dat de resultaten ook voor Nederland interessant zijn, vooral voor beleidsmakers en long- en huisartsen. “Want ook hier is veel fijnstof door bijvoorbeeld verkeer en luchtvaart, maar ook door open haarden en vuurwerk met oud en nieuw. Ik denk dat we ons in Nederland nog te weinig bewust zijn van de schade die dat aanricht, niet alleen voor de longen, maar ook voor bijvoorbeeld hart- en vaatziekten, diabetes en de groei van ongeboren kinderen.”
Wat haar betreft wordt kerosine zo snel mogelijk belast zodat we minder onnodig gaan vliegen. Daarnaast kan particulier vuurwerk worden vervangen door centraal vuurwerk. Dat is niet alleen nodig voor de gezondheid, maar ook urgent voor het klimaat. Een algemeen gezondheidsadvies kan bijvoorbeeld zijn om vaker en eerder de afzuigkap te gebruiken voor een betere luchtkwaliteit in huis. De WHO vraagt steeds meer aandacht voor fijnstof en het lijkt er volgens Brakema op dat ook in Nederland het bewustzijn over de risico’s groeit. “Ik ben ervan overtuigd dat we het over 50 jaar heel vreemd vinden dat we in deze tijd ‘gewoon’ haardvuur aanstaken, enorme hoeveelheden rook de buurt en de kamer in stookten en daar gezellig in gingen zitten.”

 

Boeiende ervaring
Brakema vond het bijzonder om onderzoek te doen in Kirgistan. Niet alleen vanwege de spectaculaire, ruige berglandschappen. “Het is een heel authentiek land, er zijn bijvoorbeeld nog nauwelijks NGO’s zoals die er in een land als Oeganda wel zijn. Kirgistan is een post-Sovjetland waar veel gegevens van inwoners goed zijn geregistreerd. Het was heel gemakkelijk om gegevens op te vragen om daarmee huishoudens te selecteren. De metingen verrichten was nog wel een uitdaging, want we vroegen de mensen om een persoonlijke fijnstofmeter bij zich te dragen maar dat is niet comfortabel. We hebben heel goed moeten uitleggen waarvoor het nodig was.”
Brakema merkte dat mensen heel geïnteresseerd waren in wat de onderzoekers kwamen doen. “Hoogtepunt was dat we met de minister van volksgezondheid aan tafel zaten. Hij was erg geïnteresseerd in onze resultaten en beloofde dat hij die zal gebruiken om beleid aan te passen. Daarnaast heeft de Wereldbank besloten om schone kookoventjes te verspreiden in het land. Het geeft me heel veel voldoening dat de resultaten niet alleen op papier staan, maar ook direct tot actie leiden!”


  • Bronverwijzing
    1. Brakema EA, Tabyshova A, Kasteleyn MJ, et al. High COPD prevalence at high altitude: does household air pollution play a role?. Eur Respir J 2019;53:1801193.

Aandachtsgebied:

COPD

Onderwerp:

luchtvervuiling spirometrie

U heeft nog enkele gratis artikelen binnen longziekten. Maak uw account aan om ongelimiteerd te lezen.