Aanbevelingen cardiovasculaire preventie bij oudere hiv-patienten

Naar verwachting hebben intensieve controle en medicamenteuze behandeling van hypertensie en dyslipidemie evenals stoppen met roken een grotere invloed op de reductie van cardiovasculaire ziekte dan eerdere hiv-diagnose, behandeling en het vermijden van cART-regimes die het cardiovasculair risico doen stijgen. 

Naarmate mensen met hiv ouder worden, zal de incidentie van cardiovasculaire ziekten (CVD) onder hen toenemen. In dit kader is de invloed van een aantal specifieke preventieve interventies onderzocht door Van Zoest et al. Met behulp van data uit het ATHENA-cohort van ruim 8.500 patiënten die cART kregen, is een CVD-model voor de ouder wordende populatie van Nederlandse hiv-patiënten ontwikkeld.

De vier interventies waarvan de invloed op de CVD-last werd geëvalueerd, waren achtereenvolgens het verhogen van het percentage vroege hiv-diagnose en behandeling, het vermijden van cART-regimes met een verhoogd CVD-risico (abacavir en proteaseremmers), het bereiken van een verhoogd percentage patiënten dat stopt met roken en geïntensiveerde controle en medicamenteuze behandeling van hypertensie en dyslipidemie. Volgens dit model zal de jaarlijkse CVD-incidentie tussen 2015-2030 met circa 50% stijgen. Geïntensiveerde controle en behandeling van hypertensie en dyslipidemie hebben de grootste invloed op het afwenden van CVD en voorkomen 17-20% van het jaarlijks aantal CVD-gevallen, gevolgd door een stoppen-met-roken-programma (6-13,1%). Voor vroege hiv-diagnose en behandeling en het vermijden van CVD-verhogende cART-regimes liggen deze percentages resp. gemiddeld rond 1 en 2,5%.

U heeft nog enkele gratis artikelen binnen infectieziekten. Maak uw account aan om ongelimiteerd te lezen.